Over gevoelens/verdriet/afscheid en rouw.
“Met de leerlingen van groep 7 in gesprek over verdriet, verlies en rouw betekent dat we een gesprek met kinderen van die leeftijd verwachten.”
Zo begint de middag.
In die openingszin zit een soort afspraak om elkaar te respecteren en om elkaar serieus te nemen. Want daarmee begint immers bij iedere mens de moed om over gevoelens te spreken.
Het is een middag waarin kinderen mogen vertellen over hun gevoelens van verlies en rouw. Hun eigen ervaringen spelen een grote rol.
Daarnaast krijgen ze ook informatie over gevoelens die iedere mens heeft, verdriet dat we allemaal op een eigen wijze beleven en verwerken.
Maar ook overeenkomsten die te vinden zijn.
Daarnaast leren kinderen ook hoe ze elkaar tot steun en hulp kunnen zijn, maar ook dat het goed kan zijn om ook steun en hulp te vragen bij volwassenen.
Natuurlijk speelt het geloof ook een rol in ons verdriet en de rouw. Want bij gelovige mensen is dood immers niet het absolute einde. Wij vieren en geloven dat mensen eeuwig leven. Opgenomen zijn bij God zelf. Het gesprek hierover is steeds erg boeiend en heel ontroerend.
Verder praten wij met elkaar over wat het betekent dat je leeft, wat is dat eigenlijk leven? Wat betekent het dan dat het leven uit mensen weg kan gaan?
Naast veel informatie, gesprek en ook uiting van gevoelens wordt de kinderen ook een powerpoint serie getoond waarin alles nog eens in woord en beeld e beweging aan bod komt.
Het zijn ontroerende indrukwekkende en vooral intens fijne ontmoetingen geweest tot nu toe, waarin de kinderen op een echt warme en soms al bijna volwassen wijze reageerden op hun eigen verdriet en op het verdriet van elkaar.
Als de middag voorbij is zijn de kinderen moe, maar ook vaak heel tevreden, ze hebben zich kwetsbaar gemaakt, maar ze deelden die kwetsbaarheid en vonden dit heel bijzonder.
Voor mij betekent het steeds een stimulans en een diepe verwondering, om te horen en vooral te zien wat kinderen beleven en waar ze allemaal over na denken.
Hieronder ziet U een van de kleine deelopdrachtjes. En een stukje tekst.
Mia Tankink
Er zijn 6 basisemoties in het leven van alle mensen
Vreugde-verdriet-woede-angst-verbazing-afschuw
Natuurlijk kennen wij er als mens veel meer. Zoek er eens een uit en beeld die uit. De andere groepsleden mogen dan raden welke emotie het is.
Iedereen gaat een keer dood. Veel mensen worden heel oud. Sommige mensen worden wel honderd jaar oud. Als het lichaam te oud is en niet meer goed werkt, kan iemand dood gaan. Net als de bloemen in de vaas op de tafel. Eerst zijn de bloemen mooi van kleur. Maar na een tijdje gaan ze slap hangen, vallen de blaadjes er af en gaan ze dood. Ze zijn te oud geworden. Ook dieren gaan dood. Een hond, poes of vogel. Dieren kunnen oud worden. Maar het kan ook zijn dat ze erg ziek zijn of dat ze een ongeluk hebben gehad. Ook mensen kunnen erg ziek worden of een ernstig ongeluk krijgen. Soms kan de dokter ze niet meer beter maken. Dan gaan ze dood.
Als iemand is doodgegaan kun je best verdrietig zijn. Het is goed om daarover te praten. Bijvoorbeeld met je vader of moeder of met een leraar op school. Het kan helpen om een mooie foto van de persoon die is doodgegaan bij je bed te zetten. Zo kun je elke avond even naar de foto kijken en even aan de persoon denken