De Leer - r.k. daltonbasisschool

De organisatie van het onderwijs

 

DE ORGANISATIE VAN HET ONDERWIJS
Hoofdstuk 2

 
De Leer: een gecertificeerde daltonschool
Wij willen de leerlingen een goede bagage meegeven voor de toekomst. Hierbij spelen ook waarden en normen een grote rol.
Dagelijks werken we vanuit de volgende drie dalton-principes:
 
  • Verantwoordelijkheid
  • Zelfstandig werken
  • Samenwerken
 
Veilig en vertrouwd voelen
Deze elementen komen alleen tot hun recht in een goed pedagogisch klimaat waar elk kind zich veilig en vertrouwd kan voelen. De school moet een plek zijn waar rust heerst, waar leerlingen, personeel en ouders/verzorgers zich thuis voelen en zich veilig weten, en waar alle betrokkenen respectvol, prettig en vriendelijk met elkaar omgaan.
 
Dat betekent concreet:
voor leerlingen:
-          niet pesten of gepest worden; jezelf mogen en kunnen zijn
-          de lessen kunnen volgen zonder dat je wordt lastiggevallen
-          weten dat geweld en (seksuele) intimidatie uit den boze zijn
-          bij iemand terecht kunnen als er problemen zijn
-          serieus genomen worden door personeelsleden en overige medewerkers
-          duidelijke afspraken over dit alles
 
voor ouders/verzorgers:
-          erop kunnen vertrouwen dat hun kinderen graag naar school gaan
-          weten dat er geen bedreigingen voorkomen
-          een open oor vinden voor problemen
-          weten dat signalen worden opgepakt en problemen aangepakt
-          duidelijke afspraken over dit alles
 
voor personeel en andere medewerkers:
-          met respect bejegend worden door leerlingen, ouders/verzorgers, collega’s, etc.
-          weten dat problemen worden aangepakt
-          ergens terecht kunnen met signalen
-          duidelijkheid over wat er gebeurt bij calamiteiten
-          duidelijke afspraken over dit alles
 
voor de omgeving/de buurt:
-          geen overlast van leerlingen die rond de school hangen
-          geen vandalisme, vervuiling of diefstal
-          weten dat leerlingen worden aangesproken op hun gedrag
-          een aanspreekpunt voor suggesties of eventuele klachten
-          signalen worden opgepakt en problemen aangepakt


Daltonbeleidsplan
Op onze website www.basisschooldeleer.nl staat het daltonbeleidsplan. Hierin kunt u nog meer info over daltononderwijs lezen. Tevens kunt u op onze site een filmpje over daltononderwijs bekijken.
 
Voordelen van daltononderwijs
Leerlingen die met vrijheid en verantwoordelijkheid hebben leren omgaan,
kunnen (in het voortgezet onderwijs) efficiënt met hun tijd omgaan.
 
-          Als kinderen zelf dingen kunnen ontdekken en uitzoeken, hoeven zij minder tijd te luisteren en stil te zitten.
-          Door een korte en effectieve instructie wordt de motivatie vergroot.
-          De leerling leert te plannen, zodat hij het werk zelf kan indelen.
-          De leerling wordt gestimuleerd zelf initiatief te nemen.
-          De leerling leert verantwoordelijkheid te dragen.
-          De relatie tussen leerkracht en leerling is belangrijk.
-          Er is sprake van wederzijds respect en vertrouwen.
-          De band tussen leerlingen onderling wordt hechter, doordat ze vaker op elkaar zijn aangewezen (samenwerking).
-          Kinderen leren rekening te houden met elkaar.
-          Door het werken met de taak heeft de leerkracht meer tijd en ruimte om leerlingen met individuele problemen te helpen.
 
Verantwoordelijkheid
Verantwoordelijkheid betekent in feite een stukje vrijheid in gebondenheid voor de leerling. Oftewel de leerling krijgt de kans om een aantal activiteiten zelf te organiseren.
Er is een zekere vrijheid die gebonden is aan regels.
De vrijheid wordt bij de kleuters en groep 3 vooral bepaald door het planbord.
De leerkracht is de sturende en begeleidende factor.
In de hogere groepen uit zich dat in het maken van taken (weektaak).
 
Zelfstandig werken
Het zelfstandig (ver)werken van de leerstof maakt dat kinderen zelfstandig keuzes leren maken. Er wordt veel aandacht besteed aan hoe kinderen ook zelf een probleem kunnen oplossen. De leerlingen kunnen daarbij gebruik maken van handelingswijzers.
Deze kunt u per leerjaar terugvinden op de website.
Het maken van verschillende taken krijgt de volle aandacht. Ook de inschakeling van moderne media speelt hierin een grote rol.
Het zelfstandig werken is geïntegreerd binnen de dag- en weektaken.
 
Samenwerkend leren
Het pedagogisch aspect komt hier heel duidelijk tot uitdrukking. Hoe gaan we met elkaar om, hoe kunnen we elkaar helpen in de klas en hoe kunnen we samen opdrachten maken.
Er zijn structureel samenwerkingsopdrachten opgenomen in de weektaak. Coöperatief leren met de diverse werkvormen staat wekelijks op onze agenda.
 


Dalton logo
Het individuele kind (de stip) ontwikkelt zich binnen de relatief veilige omgeving van de school. De school is echter geen gesloten systeem, vandaar dat cirkel niet sluit.
De leerling ontwikkelt zich binnen het daltononderwijs als een zelfstandig individu die zijn of haar vrijheid op waarde weet te schatten en bereid is zijn of haar verantwoordelijkheid te nemen. Zo komt een leerling op verantwoorde wijze in de samenleving terecht; vandaar de curve naar boven.
De Leer is vanaf 2003 een gecertificeerde daltonbasisschool en voldoet ruimschoots aan alle eisen die de Nederlandse daltonvereniging (N.D.V.) hieraan stelt.
In 2008 was de tweede visitatie erg succesvol. Elke 5 jaar vindt bovendien een hervisitatie plaats. De derde visitatie staat gepland in het schooljaar 2013-2014.
Alle leerkrachten hebben een speciale daltonopleiding gevolgd en zijn daarmee dalton gecertificeerd.
 
Daltononderwijs en daltononderzoek
Sinds 2006 is aan de pabo van Saxion in Deventer het Lectoraat Daltononderwijs gevestigd. Aan het lectoraat is een lector verbonden, die samen met de drie leden van zijn kenniskring, wetenschappelijk onderzoek doet naar het daltononderwijs.
Het initiatief tot de oprichting van het lectoraat is genomen door de hogeschool, maar wordt door de Nederlandse Dalton Vereniging (NDV) ondersteund.
Het doel van het lectoraat is bij te dragen aan de ontwikkeling van wetenschappelijk geïnformeerde kennis die bijdraagt aan een verdere aanscherping van de daltononderwijsvisie en van effectief gebleken didactische aanpakken. Het lectoraat bestaat uit een aantal onderzoekslijnen met een historische, onderwijs filosofische en/ of onderwijs empirische invalshoek. Zo houden twee promovendi zich bijvoorbeeld bezig met de thema’s onderwijseffectiviteit en burgerschapsvorming. Ook wordt er historisch onderzoek naar de bronnen van het daltononderwijs uitgevoerd. Verder wordt er onderzoek gedaan naar actuele thema’s als 'werken met portfolio's', 'samenwerken en samenwerkend leren op daltonscholen', ‘werken met de taak’, ‘passend onderwijs en dalton’, ‘lange termijn effecten van dalton’ en ‘opbrengstgericht werken en dalton’. Een aantal onderzoeken gebeurt op verzoek van de NDV.
Het lectoraat is in 2010 een reeks publicaties over het daltononderwijs gestart. Het heeft daarvoor met partners een eigen uitgeverij opgericht: Saxion Dalton University Press (SDUP). Informatie over de activiteiten van het lectoraat zijn te vinden op de website www.daltonplan.nl. Informatie over SDUP op de website www.saxiondalton.com.
 
Vrije inloop
De leerlingen krijgen de mogelijkheid om 's morgens vanaf 08.15 uur en 's middags vanaf 12.45 uur naar de klas te gaan. Is de lamp boven de ingang rood, dan weten de kinderen dat zij nog even buiten moeten wachten. Zodra de lamp op groen springt, mogen de kinderen naar binnen. In de klas kunnen zij dan iets pakken, iets (af)maken of een spelletje doen.
Het grote voordeel hiervan is dat om 08.30 uur en om 13.00 uur niet alle kinderen tegelijk de school inkomen. Het bevordert de rust bij de aanvang van de gebonden inloop. Om 8.25 uur en om 12.55 gaat er bovendien een eerste bel, het teken dat ouders de school kunnen verlaten.
Het is niet de bedoeling dat kinderen heen en weer van binnen naar buiten gaan.
Eenmaal binnen, blijft men binnen. Ook ouders kunnen hiervan gebruik maken. De ouders worden uiteraard verzocht om 's morgens voor 08.30 uur en 's middags voor 13.00 uur de school te verlaten. Hiervoor gaan 2 extra bellen om 8.25 uur en om 12.55 uur.
 
Gebonden inloop
De gebonden inloop sluit aan op de vrije inloop. Deze inloop duurt van 08.30 uur tot 09.00 uur. Tijdens de gebonden inloop houdt de leerkracht zich bezig met alle kinderen, onder wie kinderen die extra zorg nodig hebben. De leerkracht instrueert dan kleine groepjes aan de instructietafel. Leerlingen met hun eigen programma krijgen daardoor structureel extra aandacht. De overige leerlingen beginnen dan aan hun dagtaak rekenen, taal, lezen, etc.
Ook de verwerkingsopdrachten dienen dan te worden gemaakt. Indien er tijdens de gebonden inloop tijd over is, zal de leerkracht soms al een stukje voorinstructie geven, zodat leerlingen al verder kunnen met de stof wanneer ze klaar zijn.
 
Planbord
In de groepen 1, 2 en 3 is het planbord ingevoerd. De kinderen in groep 1 en 2 hebben een eigen plaatje, dat corres­pondeert met de methode Schatkist taal en rekenen. Dit plaatje is terug te vinden op het planbordkaartje, de stoel, de kapstok en het naamkaartje.
De ervaring wijst uit dat kinderen heel snel het systeem herkennen. De groepsleerkracht kan in een oogopslag zien wat de kinderen aan het doen zijn. De leerkracht bepaalt het aanbod 'keuze'- en het aantal 'taak'­werkjes, de verplichte werkjes, die de leerlingen zelf administreren.

 
Uitgestelde aandacht
Ook het begrip ‘uitgestelde aandacht’ is belangrijk binnen het daltononderwijs.
Hiermee wordt bedoeld, dat kinderen leren dat de leerkracht soms niet meteen kan helpen en dat er eerst zelf of met hulp van een maatje een oplossing moet worden gezocht.
Lukt dat niet, dan is de leerkracht even later wel beschikbaar.
De momenten waarop de juf of meester niet kan helpen, worden met symbolen aangegeven. Gedurende deze tijd heeft de leerkracht de gelegenheid om kinderen te helpen die extra aandacht nodig hebben.
 
ICT-onderwijs
ICT is de afkorting van informatie, communicatie en technologie oftewel nieuwe media.
Het gebruik van nieuwe media is o.a. het werken met digitale schoolborden, interactieve software, gebruik van cd-rom, het gebruik van internet voor educatieve doeleinden, Kennisnet, het gebruik van e-mail en het werken met PowerPoint.
Op het gebied van computers volgen we de nieuwste ontwikkelingen, zodat de kinderen van onze school veel ervaring opdoen met het gebruik van de computers. Dit geldt ook voor de computervaardigheid. Om deze vaardigheden aan te leren maken we vanaf groep 4 gebruik van het programma basisbits deel 1 en deel 2. Ook leren de kinderen een PowerPoint-presentatie te maken. In de nabije toekomst willen we kinderen ook films (moviemaker) laten maken.
Educatief gebruik / inzet in het onderwijs
 
De computer
De computer in de groep is op De Leer een vertrouwd beeld. In alle groepen wordt met diverse programma's gewerkt die aanvullend worden ingezet bij de verschillende vakgebieden.
 
Digitale schoolborden
Eén van de ontwikkelingen in ons onderwijs, is het gebruik van het digitaal schoolbord.
Met behulp van een digitaal schoolbord kan de leerkracht tijdens de lessen veel
beter gebruik maken van internet en educatieve software.
Daarnaast kan de leerkracht het digitaal schoolbord ook als een gewoon schoolbord gebruiken. Tijdens een les over bijvoorbeeld Egypte kan in een oogwenk een
Mummie tevoorschijn worden getoverd, kan er van alles bijgeschreven worden en kan alles worden opgeslagen om in een volgende les weer te worden opgeroepen.
De ontwikkeling van digitale lessen, speciaal voor dit schoolbord, heeft onze voortdurende aandacht. Op het digitale schoolbord kunnen ook programma’s van School TV en films worden bekeken.
 
Internetprotocol voor leerlingen
Hierbij verklaar ik dat ik me aan de volgende afspraken zal houden:
1          ik zal nooit mijn naam, (e-mail)adres(sen) of telefoonnummer(s) doorgeven op internet zonder toestemming van mijn juf of meester;
2          bij gebruik van een zoekmachine, zoals www.davindi.nl of www.wikipedia.nl  gebruik ik normale woorden (zoektermen). Ik zoek geen woorden, die te maken hebben met grof woordgebruik, racisme, discriminatie, seks of geweld;
3          ik vertel het mijn juf/meester als ik informatie zie of e-mailberichten krijg waardoor ik me niet prettig voel of die ik niet vertrouw;
4          ik weet dat alle sites, die ik bezoek, worden geregistreerd;
5          ik zal nooit afspreken met iemand, die ik op internet ‘online’ heb ontmoet en die ik verder niet ken, zonder toestemming van mijn juf/meester of ouders;
6          ik verstuur geen e-mailtjes zonder overleg met mijn juf/meester;
7          ik mag geen bestanden downloaden zonder overleg met mijn juf/meester;
8          ik print alleen met toestemming van mijn juf/meester;
9          ik verander geen instellingen op de computer;
10                    ik spreek met mijn juf/meester af op welk tijdstip en hoe lang ik op internet mag en welke programma’s ik mag gebruiken;
11        als ik me niet aan dit protocol houd, mag ik vier weken niet internetten op school.
 


Internetprotocol, informatie voor ouders
Verstandig omgaan met internet en computers, hoe brengt u dat uw kind bij?
Want op internet zijn prachtige dingen te vinden. Maar u wilt ook dat uw kind geen gevaar loopt of nare websites tegenkomt. Dat uw kind zich veilig voelt op internet en u met een gerust hart uw computer beschikbaar kunt stellen.
 
Veilig Internet
Veel ouders maken zich zorgen over het internetgebruik van hun kinderen.
Soms hebben ze concrete zorgen, maar vaak is het een onbestemd gevoel.
Logisch, veel kinderen zijn in het gebruik van internet en computer hun ouders allang voorbijgestreefd. In onderstaand artikel wordt ingegaan op de gevaren en de manier waarop je als opvoeder hiermee om kunt gaan.
 
Surfen zonder risico's bestaat niet
Voor kinderen is surfen zonder risico net zo min mogelijk als zonder risico naar school fietsen. Ouders voeden hun kinderen op. Internet behoort daar een onderdeel van te zijn. Wat doe je wel, wat doe je niet? Waar kom je wel, waar kom je niet?
Veel ouders weten minder van het internet dan hun kinderen en vragen zich af hoe ze een kind moeten opvoeden als het om internet gaat. Dat is eenvoudiger dan je denkt!
 
Het fietsen als voorbeeld. Jonge kinderen neem je veilig achterop. Je denkt er niet aan om een peuter alleen aan het verkeer deel te laten nemen. Worden ze wat ouder dan fietsen ze naast je. Dat doe je pas wanneer je het vertrouwen hebt dat je kind naast je blijft fietsen. Je wijst het op de regels: altijd rechts fietsen, je hand uitsteken wanneer je afslaat en goed uitkijken! Je wijst je kind op de gevaren: dit is een gevaarlijk kruispunt, niet iedereen houdt zich aan de regels in het verkeer, niet iedereen is te vertrouwen. Dan komt het moment dat je kind voor het eerst alleen naar school fietst.
Je laat niet merken dat je ongerust bent, maar waarschuwt nog wel: "Kijk je goed uit?" Daar gaat je kind. Wanneer alles goed blijft gaan krijg je steeds meer vertrouwen en al gauw fietst je zoon of dochter zonder problemen alleen naar school. Natuurlijk is het mogelijk dat er ooit iets gebeurt. Risico's blijven bestaan. Na een voorval bespreek je wat er is gebeurd in de hoop dat zoiets niet meer zal gebeuren.
Bovenstaande tekst over het fietsen kun je eenvoudig vertalen naar surfen op het internet. Jonge kinderen laat je niet op het internet. Na verloop van tijd ga je samen met je kind internetten en wijs je hen op de regels en de gevaren.
Daarna surft je zoon of dochter alleen, terwijl jij in de buurt bent. Na verloop van tijd surft het alleen en zeg je nog: ‘Kijk je wel uit?’ Dan is de vraag natuurlijk wanneer je een kind alleen laat surfen. Tja, wanneer laat je een kind alleen fietsen? Dat is wanneer je denkt dat het goed zal gaan. Een duidelijke leeftijdsgrens is er niet. Het ene kind laat je eerder alleen fietsen dan het andere. Dat geldt ook voor het surfen op het internet.
Er blijven natuurlijk altijd risico's. Veilig internetten in de zin van surfen zonder risico's bestaat dus niet, veiliger internetten wel.
 


Praktische tips
Er bestaat software (www.surfsleutel.nl) waarmee je de voor uw kind beschikbare sites beperkt tot een van te voren gemaakte selectie. Indien je hier niet voor kiest kunnen onderstaande tips van nut zijn en zorgen voor een veiliger internetgebruik.
 
1          Zet de computer, indien mogelijk, in de huiskamer. In ieder geval op een plaats waar je zicht hebt op de pc. Zo blijf je betrokken bij wat je kinderen doen.
2          Leer je kinderen nooit hun telefoonnummer en adresgegevens op het internet te plaatsen zonder jouw toestemming. Wijs hen op de gevaren.
3          Vertel je kinderen dat mensen op het internet niet altijd zijn die ze zeggen te zijn. Maak ze daarom duidelijk dat ze alleen met jouw toestemming een afspraak via het internet mogen maken.
4          Ga zelf internetten! Op die manier vergroot je de kennis rond dit medium en blijf je meer betrokken bij de leefwereld van je kinderen.
5          Weer SPAM van je computer. Via deze weg komt ongevraagd een hoop ellende de wereld van je kind binnen. Gebruik bijvoorbeeld een spamfilter, waarmee je al voor het binnenhalen van de mail deze kunt selecteren.
6          Vertel je kinderen welke sites je niet geschikt vindt voor ze en leer hen die weg te klikken wanneer ze er per ongeluk op terecht komen.
7          Wijs kinderen op de gevaren van chatten, kijk voor meer informatie op www.besafeonline.org/dutch/chat.htm
 
Alles over veilig internetten vindt u op : http://ouders.veilig.kennisnet.nl/
Deze site is een echte aanrader! Veel informatie m.b.t. dit thema kunt u ook vinden op:
http://www.internetwijzer-bao.nl/ onder: ‘Veiliger Surfen’.
 
Technisch beheer
Binnen de school is een hoogwaardig netwerk aangelegd.
Elk jaar wordt de computer­apparatuur geleidelijk aan vervangen. Binnen De Leer zijn ruimschoots computers en laptops aanwezig. We werken met digitale schoolborden.
 
Website
De Leer heeft vanaf 2009 een geheel vernieuwde website in gebruik genomen: www.basisschooldeleer.nl.
Hierop zijn alle gegevens van school uitvoerig opgenomen, waaronder ook deze schoolgids.
U kunt wekelijks de weekbrief ontvangen als u zich hiervoor via de website heeft aangemeld.
 
Cursus typevaardigheid
Het is voor ouders mogelijk om hun kind op te geven voor een aparte cursus typevaardigheid in combinatie met tekstverwerken, Word en PowerPoint. Deze cursus wordt op de woensdagmiddag op onze school gegeven. Hieraan zijn wel kosten verbonden. Ouders van groep 7 en 8 ontvangen hierover bericht.
 


De organisatie van de school
Sinds de invoering van de basisschool in 1985 bestaan er acht groepsniveaus voor leerlingen van vier tot en met twaalf jaar. Op De Leer zijn de meeste groepen homogeen, dat wil zeggen dat leerlingen van ongeveer dezelfde leeftijd bij elkaar zitten.
In alle groepen krijgen kinderen met specifieke leerproblemen extra aandacht van de leerkracht en eventueel onderwijsassistent. Dit gebeurt vooral tijdens de gebonden inloop, wat een vast dagelijks onderdeel vormt van het lesprogramma.
We werken hierbij met handelingsalternatieven of handelingsplannen.
 
 Procedure verdeling van kinderen over de groepen
De verdeling van kinderen over groepen is altijd een zeer lastige klus als er onverhoopt groepen samengevoegd of verdeeld moeten worden.  Leerkrachten en ouders kunnen dit als probleem ervaren. Om de indeling zo zorgvuldig mogelijk te laten verlopen, zeker niet aan toeval over te laten en om discussies achteraf te voorkomen wordt op De Leer onderstaande procedure gevolgd. Deze procedure heeft instemming van de MR.
 

Stap
Actie
1
Het aantal groepen en de verdeling van leerkrachten over deze groepen wordt na overleg, in de teamvergadering en in individuele gesprekken met leerkrachten, vastgesteld door de directie.
2
De leerkrachten maken een sociogram van de groep. Dit wordt gedaan vanaf gr. 4.
Kinderen worden bevraagd op vriendschappen. Kinderen uit de groepen 5 t/m 8 kunnen ook worden bevraagd op samenwerking.
3
De leerkrachten leveren de sociogrammen en extra informatie over de kinderen in bij de IB-er.
Extra informatie kan zijn: voorstel welke kinderen bij elkaar, voorstel welke niet, wie heeft een instructieniveau hoger of lager, pesters, kinderen die gepest worden. Daarnaast maken de leerkrachten voorstellen voor kleine subgroepjes van 2/3/4 kinderen.
4
Zo snel mogelijk komt de IB-er samen met de betreffende groepsleerkrachten tot een voorstel. Criteria:
-       positieve vriendschappen zoveel mogelijk behouden
-       knellende situaties zoveel mogelijk oplossen
-       een zo evenwichtig mogelijke verdeling van zorgkinderen over de groepen
-       liever geen broertjes en zusjes bij elkaar
-       kinderen zo mogelijk niet langer dan 2 jaar bij dezelfde leerkracht
5
Leerkrachten en/of ouders kunnen worden gepolst over de voorgenomen plannen.
6
Het voorlopige plan wordt besproken in de teamvergadering.
Wijzigingen kunnen worden aangebracht.
7
Na overleg met IB-er wordt het definitieve plan door de directie vastgesteld.
8
Ouders krijgen ter kennisgeving een brief met de groepsindeling. Over deze groepsindeling kan niet worden gediscussieerd. Er worden geen wijzigingen op verzoek van ouders aangebracht.
9
Voor de herfstvakantie van het nieuwe schooljaar wordt de groepsindeling met het team geëvalueerd.
10
Na observatie in de eerste schoolweken kan ( na overleg met het kind, de leerkracht, ib-er en ouders) de directeur besluiten een kind na de herfstvakantie in een andere groep te plaatsen.

 
Alleen in heel uitzonderlijke gevallen, kan de directeur besluiten om van dit stappenplan af te wijken.


De samenstelling van het team
 
De directeur
Anita Kroonen-Kennis draagt de integrale eind­verantwoordelijkheid voor het totale schoolgebeuren. Een aantal van deze taken is onder meer het bewaken van de onderwijs­kwaliteit, personeelsbeleid, financiën, huisvesting, materiële zaken, vaststellen van beleid en voorbereiden van teambesprekingen, het bijhouden van de administratie, het onderhouden van externe contacten met andere scholen, instellingen en de onderwijsinspectie.
Maar ook het houden van gesprekken met ouders, contacten met alle geledingen van de school zoals de medezeggenschapsraad, de ouderraad en de contactouders. Met ingang van augustus 2010 is zij voor 1 dag per week bovenschools coördinator kwaliteitsbeleid voor de 13 scholen van PRO8.
 
De leerkrachten
Annemarie Bénard, Yolanda Boymans, Marieke Braam, José Broekhof, Ellen Huethorst, Henriëtte Jansen, Elles van Loon, Ria Menting, Ineke Peters, Arjen Stapelbroek en Annemarie Veldhuizen zijn de leerkrachten die het dagelijks onderwijs aan de kinderen verzorgen.
Zij zijn het eerste aanspreekpunt voor ouders.
De leerkrachten dragen niet alleen verantwoording voor de eigen groep, maar zijn als team ook gezamenlijk verantwoordelijk voor het primaire proces: het lesgeven aan de kinderen.
Die gezamenlijke verantwoordelijkheid krijgt gestalte in het onderwijs aan de kinderen, waarbij elk kind mag rekenen op zorg en onderwijs op maat.
 
De intern begeleider
Miriam Pasman zorgt voor de coördinatie binnen het team over de leerlingen met specifieke leerproblemen en geeft leerkrachten adviezen over zorgleerlingen. In hoofdstuk 3 vindt u meer informatie over interne begeleiding.
 
De ICT-coördinator
Ellen Huethorst voert nieuwe educatieve computerprogramma’s in en begeleidt leerkrachten t.a.v. het computeronderwijs, digibordlessen en digibordmaterialen.
 
De onderwijsassistent
Op dit moment is er een vacature voor onderwijsassistent. De onderwijsassistent begeleidt kleine groepen leerlingen onder leiding van de interne begeleiding. Het betreft hier met name de rugzakleerlingen en ondersteuning in de groepen.
 
Administratief medewerkster
Elke dinsdag werkt Brigitte Nijenhuijs als administratief medewerkster op De Leer.
 
Conciërge
Op dinsdag, woensdagmorgen en vrijdagmorgen werkt er een conciërge van Mabeon op onze school.
 
Schoonmaak
Truus Tesselaar zorgt samen met schoonmaaksters van Mabeon dagelijks voor een schone school.
 
PRO8 onderhoudsdienst
Eddy Baars, het hoofd van de PRO8 onderhoudsdienst, coördineert en voert samen met Herold Obbink, de andere medewerker van de onderhoudsdienst, allerlei klussen uit.
Zij verzorgen tevens de tuin van de school.
 
De activiteiten voor de kinderen
 
Groep 1 en 2
In de groepen 1 en 2 wordt met thema's gewerkt met als doel de kinderen bekend te maken met diverse onderwerpen. In de vorm van verhalen, liedjes, versjes en spel kan zo inhoud gegeven worden aan begrippen, waardoor de woordenschat van het kind spelenderwijs wordt uitgebreid. Het grote speelhuis in de onderbouwhal wordt qua inhoud aan deze thema’s aangepast. Elke dag begint met een aantal kringactiviteiten.
In de kleine kringetjes worden gerichte leeractiviteiten aangeboden, bijvoorbeeld themagerichte activiteiten, maar ook voorbereidend rekenen en taal komen structureel aan bod.
                                                                   
Als voorbereiding op het leren lezen wordt gewerkt met de methode Fonemisch Bewustzijn. Hier leren de kinderen op een leuke manier klanken en letters onderscheiden.
Ook wordt een begin gemaakt met voorbereidend schrijven en rekenen. We werken met een planbord en er is een opbouw in het aantal taakwerkjes.
Bij de taakwerkjes op het planbord komen allerlei verschillende ontwikkelingsaspecten aan bod.
Binnen het bewegingsonderwijs besteden wij aandacht aan gymnastiek, spel, buitenspelen, dans en drama.
Het komt regelmatig voor dat de kinderen van groep 1 en 2 op pad gaan, bijvoorbeeld naar een boerderij of de brandweer. Sommige uitstapjes zijn georganiseerd door het NME (Centrum voor Natuur en Milieueducatie).
 
Lezen  
De leerkrachten van de groepen 1 tot en met 8 werken volgens het ‘leesprotocol’.
We werken aan motiverend lezen, voortgezet technisch lezen en begrijpend - en studerend lezen.
Vanaf schooljaar 2011-2012 gaan we werken met Estafette Nieuw, een methode voor (voortgezet) technisch lezen. Het beste van Veilig leren lezen (groep 3) komt terug in Estafette Nieuw.
Er wordt gewerkt met passende, uitdagende teksten op elk A.V.I. nieuw-niveau.
En er zijn leuke, nieuwe elementen toegevoegd.
Nieuw zijn ook de uitgebreide leermaterialen voor groep 7 en 8. Voor een échte doorgaande lijn in technisch lezen.
Vanaf het schooljaar 2006-2007 werken wij met het Kurzweil-programma.
Dit programma is speciaal ontwikkeld voor kinderen met dyslexie. Het programma maakt het mogelijk om alle leerstof die we op school behandelen door de computer te laten voorlezen. Het programma zorgt ook voor een verklaring van moeilijke woorden.
Wij houden u jaarlijks op de hoogte van alle nieuwe ontwikkelingen.


Taal 

Het taalonderwijs omvat in alle groepen meer dan alleen het zuiver schrijven (spelling)                                                        .
Het communicatieve aspect is minstens zo belangrijk. Ook leren de kinderen om creatief met de taal om te gaan in de vorm van stelopdrachten en het maken van gedichten.
In de groepen 4 tot en met 8 gebruiken we de taalmethode Taalverhaal.
 
Spreekbeurten/werkstukken/boekenbeurt
 
Spreekbeurten
In de groepen 5 t/m 8 worden er (meestal) op vrijdagmiddag spreekbeurten gehouden.
De leerling kiest een onderwerp uit, zoekt informatie en houdt de spreekbeurt waarbij het kind zoveel mogelijk eigen woorden gebruikt. Ook is het mogelijk om in tweetallen een spreek­beurt te houden. De leerlingen mogen tevens spullen laten zien over hun onderwerp.
Na afloop van de spreekbeurt bedenken de andere leerlingen vragen, geven adviezen en wordt de spreekbeurt geëvalueerd. Elk kind komt minimaal één keer per jaar aan de beurt en mag slechts één keer hetzelfde onderwerp kiezen.
De beoordeling van de spreekbeurt telt mee bij het vak mondeling taalgebruik.
 
Werkstukken
De leerlingen van groep 5 t/m 8 mogen als keuzewerk tijdens de weektaak aan de slag met het maken van werkstukken. Daarbij krijgen de kinderen een lijst met tips.
Ze mogen uit informatieboekjes, studieboeken, folders of via het internet informatie verzamelen. Bij het werkstuk horen ook plaatjes. Die kunnen onder meer van internet gehaald worden.
Het werkstuk met fraaie voorkant en een inhoudsopgave, mag uitgeschreven of op de computer getypt worden. Werkstukken mogen ook in tweetallen gemaakt worden.
Het maken van werkstukken draagt bij aan de zelfstandigheid, de samenwerking en de creativiteit van leerlingen.
 
Boekenbeurt
In de groepen 5 t/m 8 gaan kinderen na de Kinderboekenweek, die jaarlijks rond oktober gehouden wordt, beginnen met boekenbeurten. Het is de bedoeling dat kinderen de klas vertellen over een zelf gelezen boek. Wie is de schrijver, de illustrator, de uitgever etc.
Maar ook: waar gaat het boek over, wie zijn de hoofdpersonen, waar speelt het zich af en hoe vond ik het om te lezen. Tot slot lezen de kinderen een zelfgekozen passage voor aan de klas.
De kinderen van groep 4 beginnen medio februari met hun boekenbeurt.
 
In het schooljaar 2011-2012 worden er handelingswijzers gemaakt en op de website geplaatst, zodat leerlingen kunnen zien hoe zij het beste een spreekbeurt/boekenbeurt kunnen voorbereiden.
 
Spelling
De spelling vormt een aparte leergang en wordt getoetst door het geven van dictees.
Het inzicht in de leerstof wordt tweewekelijks getoetst. Bij een onvoldoende score kan de desbetreffende leerling remediërende opdrachten (extra oefenstof) uitvoeren.
Ook volgen we de bloon-methode om woorden goed in te oefenen (dit is het oefenen van woorden op kleine kaartjes door het bekijken, omdraaien, opschrijven en controleren van woorden).
 
Kinderen die volgens het Leerlingvolgsysteem een consequente A-score hebben (minimaal twee keer), krijgen een compacteringsprogramma voor taal aangeboden. Compacteren is het indikken van de lesstof zodat alleen de essentie overblijft. Deze kinderen kunnen de tijd aan andere vakgebieden besteden of krijgen verdiepings- en verrijkingsstof aangeboden.
 
Rekenen en Wiskunde

Bij het vakgebied rekenen en wiskunde maken we gebruik van de methode Pluspunt. Om de rode draad te waarborgen hebben we voor de kleuter­groepen de methode Schatkist rekenen. Wilt u als ouder weten wat uw kind gaat leren op het gebied van rekenen in groep 1 en 2 kijk dan op onze website onder groep 2 -> rekenen.

                                                    

De methode Pluspunt is bij uitstek geschikt voor het werken in niveaugroepen.
Deze methode biedt veel ruimte aan het zelfstandig werken en verwerken van de leerstof, zodoende heeft de leerkracht de mogelijkheid om extra hulp te bieden. Voor onze zeer goede rekenaars hanteren wij een compacteringsprogramma voor rekenen aangevuld met uitdagende extra stof.
 
Wereldverkennende vakgebieden
Met de wereldverkennende vakgebieden wordt met een aantal methoden een begin gemaakt in groep 3. We onderscheiden de volgende vakken:
 
·         Verkeer (methode Wegwijs)
Via praktijkgerichte thema's worden de kinderen van groep 5 t/m 7 goed voorbereid op het theoretische en praktische verkeersexamen. We gebruiken hierbij de methode Wegwijs.
 
·         Kennis der natuur (methode Natuurlijk)
Bij Natuurlijk komen diverse thema's aan bod zoals: groeien, verschillen, water/wind, drijven/zinken, zintuigen, licht en geluid, gezondheid, planten en dieren, transport in je lichaam en planteneters/vleeseters.
Projecten van de NME (Natuur en Milieu Educatie) worden als aanvulling gebruikt.
 
·         Aardrijkskunde (methode Meander)
Bij Meander is er naast de topo van Nederland en Europa aandacht voor diverse thema's, zoals: onderweg, om ons heen, waterland, platteland en over de grens, water, werk en energie, de aarde beweegt, streken en klimaten, allemaal mensen.
 
·         Geschiedenis (methode Bij de tijd)          
De thema's van Bij de tijd zijn verdeeld in tijdvakken, te weten: de tijd van jagers en boeren, de tijd van Grieken en Romeinen, de tijd van monniken en ridders, de tijd van steden en staten, de tijd van ontdekkers en hervormers, de tijd van regenten en vorsten, de tijd van pruiken en revoluties, de tijd van burgers en stoommachines, de tijd van de wereldoorlogen, de tijd van de TV en computers.
De thema's worden verrijkt met filmpjes uit de canon van de geschiedenis.
 
Catechese (methode Trefwoord)
Elke dag wordt er bij Trefwoord gewerkt aan een thema.

 
Dat kan door middel van een verhaal, opdracht, gedicht,

discussie of een lied.
 
Engels
In groep 7 en 8 wordt voor Engels                                                    
gebruik gemaakt van de methode Take it easy.       
 
Expressieactiviteiten
We bieden leerlingen expressie­activiteiten aan op het gebied van drama, handvaardig­heid, tekenen, muziek en dans.
Hiervoor gebruiken wij de methode ‘Moet je doen’. In deze methode gaat men uit van het principe van eenvoudig naar moeilijker, van een concreet naar een abstracter niveau, van korte naar langere opdrachten. Ook zal steeds een beroep worden gedaan op de al verworven kennis, inzichten en vaardigheden.
In het schooljaar 2011-2012 starten we met het geven van Kunstvakken in Samenhang (KIS).
Het doel is het bevorderen van samenhang tussen de vakken muziek (dans/drama), tekenen en handvaardigheid. Binnen een project gaan we klassen doorbrekend werken tussen de groepen 3/4/5 en de groepen 6/7/8. De kinderen volgen telkens twee weken een vak en schuiven dan door naar een volgend vak met een andere leerkracht. We streven naar drie keer per jaar een cyclus van zes weken en een projectweek.
 
Coöperatieve spellen: niet tegen elkaar maar mét elkaar
Afgelopen schooljaar zijn we op De Leer gestart met het inzetten van coöperatieve spellen. In deze spellen spelen de kinderen niet tegen elkaar maar mét elkaar. Samenwerking en het plezier van samenspel staan centraal. Niet de ander van het bord spelen dus, maar samenwerken en samen winnen (of samen verliezen)! Kinderen leren op deze manier spelenderwijs heel veel: ze leren overleggen, samen oplossingen vinden, delen, naar elkaar luisteren, creatief denken… Bijzonder aan deze spellen is ook de positieve invloed op de sfeer in de groep.
 
Voor het inzetten van deze spellen binnen ons onderwijs ontwikkelen we een doorlopende leerlijn coöperatief spel. Daarmee worden er op vaste momenten in het jaar aan alle kinderen van de school in de eigen groep coöperatieve spellen aangeboden die passen bij hun leeftijd. De spellen worden eerst door de leerkracht uitgelegd, waarna de kinderen de spellen spelen. Naast deze centrale momenten waarop de spellen worden aangeboden, liggen deze ook in de kieskasten. Ons doel met het aanbieden van deze spellen is het bevorderen van samenwerking, overleg, creatief denken en daarbij zien we bij de kinderen veel spelplezier!
 
Voor het ontwikkelen van de doorlopende leerlijn coöperatief spel werkt De Leer samen met Anne Mijke van Harten van Earth Games. Zij selecteert en ontwikkelt vernieuwende spelmaterialen en spelsoorten met een positieve invloed op de ontwikkeling, het gedrag en het welbevinden van kinderen en geeft workshops, advies en informatie op het gebied van coöperatief spel. Vanuit haar ervaring met coöperatief spel begeleidt ze de Leer bij het ontwikkelen van de leerlijn.
 
Voor meer informatie over de coöperatieve spellen kunt u terecht op de website van Earth Games. Daar zijn de spelmaterialen te bekijken en desgewenst eenvoudig te bestellen en vindt u achtergrondartikelen over coöperatief spel.
Zie: www.earthgames.nl 

                                                                       
 
Huiswerk
In het voortgezet onderwijs is het zelfstandig huiswerk maken een belangrijk onderdeel van het leerproces. Om een soepele overgang te realiseren krijgen kinderen van groep 7 en 8 huiswerkopgaven mee. Hiervoor krijgen de kinderen door school aangeschafte boekjes mee naar huis. Deze boekjes moeten de kinderen thuis kaften om er zo voor te zorgen dat deze ook nog in de volgende leerjaren gebruikt kunnen worden. Aan het eind van het schooljaar moeten de boekjes onbeschreven weer ingeleverd worden op school.
Voor het noteren en plannen van het huiswerk moeten de kinderen een zelfgekozen agenda mee naar school nemen.
In groep 7 wordt het huiswerk twee keer per week besproken. Op dinsdag wordt het rekenwerk nagekeken en op donderdag worden de taalopgaven besproken.
In groep 8 is dat vier maal.
De huiswerkperiode loopt van oktober tot en met mei.
Aan de hand van de entreetoets en andere Cito-toetsen wordt een verantwoord pakket samengesteld.
Hiervoor zijn extra leermiddelen aangeschaft.
De inhoud van het huiswerkpakket in groep 8 bestaat uit:
-          werkwoordspelling en woordspelling
-          woordenschat
-          redactiesommen
-          studievaardigheden.
 
Incidenteel kunnen opgaven vanaf groep 3 worden meegeven om de leerstof van verschil­lende vakken eigen te maken en/of extra te oefenen.
 


Burgerschap, oriëntatie op jezelf en de wereld
Wij hebben, zoals alle scholen, de wettelijke plicht om in ons onderwijs aandacht te besteden aan het bevorderen van ‘actief burgerschap’ en ‘sociale integratie’.
Het gaat dan om de voorbereiding van leerlingen op een succesvolle deelname aan de pluriforme Nederlandse samenleving.
Actief burgerschap betekent de bereidheid en het vermogen deel uit te maken van een gemeenschap en daar een actieve bijdrage aan te leveren. Burgerschapsvorming wordt daarbij niet als vak apart gezien, maar is een vanzelfsprekend onderdeel van meerdere vakken. In onze visie stellen wij nadrukkelijk dat wij binnen de school elkaar accepteren en respecteren, ongeacht ras, herkomst, geloof, seksuele geaardheid, en met erkenning van de unieke kwaliteiten die iedere leerling in zich heeft. Met als doel om de leerling goed toe te rusten op een vervolgopleiding en maatschappelijk functioneren.
Wij willen binnen de school een gevoel van veiligheid voor leerlingen en personeel waarborgen door met elkaar gedragsregels af te spreken. Tijdens de eerste weken van het schooljaar besteden alle leerkrachten daarom extra aandacht aan het pedagogisch klimaat in de groep. Ook zult u in alle groepen zelfgemaakte posters aantreffen waarop kinderen en leerkrachten aangeven aan welke gedragsregels men zich dit schooljaar wil houden. Deze regels zijn met en door kinderen zelf opgesteld en ondertekend.
Burgerschapsvorming is dus geen vak apart, maar een manier van omgaan met kinderen en lesgeven waarbij kinderen uitgedaagd worden om na te denken over hun rol als burger in de Nederlandse samenleving.
Juist nu er zoveel verschillende culturen en religies in Nederland zijn, is het belangrijk dat kinderen al vroeg leren hun verantwoordelijkheid in deze democratische samenleving te nemen. Hierbij gaat het er om kinderen het belang van democratie, participatie en identiteit in de Nederlandse samenleving te leren.
School TV heeft speciaal voor de groepen 5 en 6 een programma ‘Burgerschap’ gemaakt dat kinderen stimuleert na te denken over hun eigen rol als burger, en te kijken wat hun mogelijkheden zijn om een bijdrage te leveren aan de wereld om hen heen.
Voor alle groepen komt ‘burgerschap’ behalve binnen het onderwijs van alle dag, ook aan de orde in de programma’s van school TV die wij volgen. Dat zijn voor groep 1 en 2 Koekeloere, voor groep 3 en 4 Huisje-Boompje-Beestje, voor groep 5 en 6 Nieuws uit de Natuur en Burgerschap en voor groep 7 en 8 school TV weekjournaal.
 
Bewegingsonderwijs
Voor het bewegingsonderwijs van de kleutergroep is een prachtige speelzaal beschikbaar. Deze zaal willen we graag zo schoon en hygiënisch mogelijk houden.
De kinderen van groep 1 en 2 dragen daarom gymschoenen tijdens het binnenspelen. Deze schoentjes kunnen op school blijven.
Op een speelse wijze worden de kinderen gestimuleerd tot bewegen, waarbij de motorische ontwikkeling wordt gevolgd. Spellessen en toestellessen worden afgewisseld.
De kleuters maken dagelijks gebruik van een vernieuwde speelplaats met kunstgras, een mooie klimtoren, schommels, glijbaan en zandbak.
 
 
De kinderen van groep 3 t/m 8 gaan een uur per week naar de gymzaal aan de Leliestraat.
Zij dragen gymkleding en gymschoenen tijdens de gymlessen. Na afloop douchen de kinderen zich.
Elke week is er een gymles waarin diverse bewegingsvormen worden geoefend met toestellen, veelal in circuitvorm. Verder worden diverse spelvormen aangeboden.
De gymlessen worden gegeven volgens het BIOS-model.
BIOS staat voor Bewegen In Onderwijs en Sport.
 
Belangrijke punten van het BIOS-model zijn:
-          verschillende activiteiten naast elkaar: bijv. spel, gymnastiek en atletiek binnen één les;
-          leerlingen werken zelfstandig in groepjes, korte wachttijden dus vaak aan de beurt;
-          de activiteiten sluiten aan bij de eindtermen voor bewegingsonderwijs van het SLO (Stichting Leerplan Ontwikkeling);
-          de eerste groep zet klaar, de laatste groep ruimt op, zelfstandig op- en afbouwen, de leerkracht ondersteunt waar nodig;
-          de groepen op het midden van de dag kunnen na een kleine ombouw direct starten, voordeel: veel netto-gymtijd;
-          de groepen 1 en 2 werken ook met de methode Bewegingsonderwijs in het speellokaal;
-          de methode is op maat voor de school gemaakt.
-          door differentiatie kan elk kind op eigen niveau bewegen en bewegingsproblemen oplossen, bijv. balanceren;
-          binnen elke les meerdere activiteitsgebieden, sluit aan bij de belevingswereld van de leerlingen door het aanbieden van verschillende activiteiten binnen een les.
Wekelijks hebben de groepen 4 t/m 8 een korte geleide spelles op het schoolplein gedurende de maanden dat er niet gezwommen wordt.
In principe fietsen of lopen alle leerlingen na de gymles of zwemles mee terug naar school alvorens naar huis te gaan.
Mocht u als ouder het goed vinden dat uw kind meteen vanuit de gymzaal of het zwembad huiswaarts gaat, dan vragen wij u hiervoor een formulier te tekenen waarmee u aangeeft verantwoordelijk te zijn vanaf het einde van de gym- en/of zwemles.
De leerkracht zorgt ervoor dat de kinderen weer om 15.15 uur op school zijn. Als uw kind rechtstreeks naar huis gaat vanaf het zwembad, vertrekt hij/zij dus iets voor 15.15 uur.
De gymtijden van groep 3 t/m 8 vindt u in de schoolkalender.
Op school hebben we de afspraak gemaakt dat, wanneer een kind zijn of haar zwem-of gymkleren is vergeten, of om andere redenen niet mee kan hij/zij op school achterblijft en onder controle van een andere leerkracht aan het werk gaat. Dit zal geen werk van de weektaak zijn.
             
Schoolzwemmen
Bij een buitentemperatuur van 16 graden Celsius gaan de groepen 5 t/m 8 naar het zwembad Het Elderink. De groepen 3 en 4 gaan als het buiten minimaal 18 graden is.
De ouderraad heeft de school een prachtige buitenthermometer geschonken, zodat iedereen kan zien wat de temperatuur is. Het zwemonderwijs is een verplicht onderdeel van het schoolplan. In bijzondere gevallen kan men alléén schriftelijk ontheffing aanvragen.
De lessen zijn zowel instructief als recreatief. De zwemtijden voor de diverse groepen treft u aan in de schoolkalender van het nieuwe schooljaar.
In navolging van het landelijk beleid is een zwemprotocol opgesteld waarin de verantwoordelijkheden, rechten en plichten goed zijn omschreven. In dit protocol zijn de rechten en de plichten van het zwembad en de school vastgelegd. Kinderen die niet aan de zwemles meedoen, blijven op school en worden onder toezicht van de aanwezige leerkracht(en) geplaatst. (Het volledige protocol is op school aanwezig en kan worden ingezien.)
 
Schaatsen
In de winter wordt, indien mogelijk, geschaatst op de ijsbaan van de IJsvereniging Steintjesweide.
 
Speciale voorzieningen in het schoolgebouw
De intern begeleider beschikt over een IB-ruimte, waar zij kinderen individueel kan begeleiden en gesprekken kan voeren. Tevens is in die ruimte een orthotheek, dit is een bibliotheek met materialen voor zorgleerlingen.
Ook de ingangen zijn voor kinderen met een rolstoel goed toegankelijk.
Er zijn bovendien twee invalidentoiletruimtes, waarvan een ruimte met douche, een administratieruimte, een kamer voor remedial teaching, een reproruimte en diverse magazijnen. De onderwijsassistent, de ICT-er en de administratief medewerkster hebben een eigen ruimte, die ook gebruikt wordt door de schoolarts en de logopediste.
Identiteit                 
De Leer is een basisschool met een rooms-katholieke identiteit.
De identiteit van onze school is zodanig dat kinderen van andere gezindten en niet gelovigen zich op De Leer thuis voelen.
We proberen de rooms-katholieke identiteit vorm te geven door middel van lessen, waarvoor we de methode 'Trefwoord' gebruiken. Deze methode is afgestemd op de belevings- en ervaringswereld van kinderen in deze tijd en kent een opbouw rondom een thema voor alle groepen.
Voor kinderen die deelnemen aan de Eerste Communie of het Vormsel worden er vanuit de parochie voorbereidingslessen verzorgd. Deze catecheselessen vinden buiten schooltijd plaats en worden gegeven door vrijwilligers van de parochie, met hulp van een aantal ouders.
Vanuit de parochie worden er voor de ouders van communicantjes en vormelingen enkele ouderavonden gegeven.
 
In het jaarprogramma van de school wordt per groep één les vanuit de parochie opgenomen:
groep 3          een les over dopen
groep 4          een les over de betekenis van de Eerste Communie
groep 5          een rondleiding en/of speurtocht door de kerk
groep 6          een les over het werk van de pastoor/pastoraal medewerker
groep 7          een les over de dood en afscheid nemen
groep 8          een les over de betekenis van het Vormsel